Nieuws
10

feb13

Het productieproces deel 2.

Voor het maken van glas moeten alle grondstoffen op een temperatuur van 1650 graden celcius worden gesmolten. Bij die temperatuur worden de silica-atomen geherstructureerd tot een perfect stuk glas. De Romeinen konden bij een lagere temperatuur glas maken omdat zij kalk en loog toevoegden. In de Middeleeuwen werd het procédé versneld door toevoeging van kalk en potas in een verhouding van 1:1. De kwaliteit van dit glas was echter veel minder omdat het snel corrodeerde.

Als de grondstoffen zijn gesmolten, kunnen er zwavel, oxiden en selenium aan worden toegevoegd om de pasta een kleur te geven. Waarna het glas weer in de oven gaat om vervolgens gelijkmatig af te koelen en zo klaar te zijn voor gebruik.

imagrs

No comments so far!

Leave a Comment

Share This